Het nationaliteitsrecht blijft sterk in beweging, zowel nationaal als internationaal. In deze cursus zullen de belangrijkste actualiteiten van het jaar 2026 n begin 2027 de revue passeren. Aandacht wordt niet slechts besteed aan nieuwe (ontwerp) wetgeving, rechtspraak en literatuur in Nederland, maar ook aan Europese en internationale ontwikkelingen, die belangrijke bronnen van inspiratie kunnen zijn in nationaliteitsrechtelijke procedures.
Aan de orde komen in elk geval de volgende punten:
– Wenselijke wijzigingen van de Rijkswet op het Nederlanderschap in het kader van het door het kabinet Jetten voorbereide wetsontwerp modernisering nationaliteitsrecht
– Jurisprudentie over de Wet vaststellingsprocedure staatloosheid en mogelijke wenselijke wijzigingen in het licht van de evaluatie van het functioneren van die wet.
– Nieuwe ervaringen met het per 1 april 2022 ingevoerde optierecht van art. 6 lid 1 onder p, ter implementatie de uitspraak van het Hof van Justitie Europese Unie 12 maart 2019 in de zaak Tjebbes met bijzondere aandacht voor de evenredigheidstoets bij verlies van het Nederlanderschap door kinderen.
– Weigering naturalisatie wegens twijfel over de identiteit
– Aanbeveling van de het Comité van Ministers van de Raad van Europa betreffende toegang van staatloze kinderen tot een nationaliteit (wordt verwacht in december 2026): aandacht voor consequenties voor Nederland
Op verzoek van deelnemers kunnen onderwerpen worden toegevoegd.



